De meeste vogelaars herinneren zich nog het moment dat zij voor de eerste keer in aanraking kwamen met de hobby. Ik was acht en met mijn beste vriend en zijn vader naar Meijendel, het duingebied bij Wassenaar. Ik had een klein verrekijkertje mee, zo een waar je je ogen voor moet samenknijpen om er doorheen te kunnen kijken. We zagen daar een rietgors, een musachtig vogeltje met een zwarte kop en witte hals. Ik had moeite hem met mijn verrekijkertje te vinden, ik twijfel zelfs of ik hem scherp in beeld heb gekregen, maar het was de eerste keer dat ik mij iets realiseerde wat mijn leven heeft veranderd: er valt buiten een hele wereld te ontdekken aan vogels waar ik nog nooit van heb gehoord.
Vogelsnelweg
Als vogelaar val je in Nederland met je neus in de boter. Onze natuur lijkt misschien niet heel speciaal, maar voor vogels is Nederland een topland. Zo hebben wij dankzij onze ligging aan een rivierdelta belangrijke wetlands als de Biesbosch, de Weerribben en de Oostvaardersplassen binnen onze landsgrenzen.
We liggen bovendien direct aan de East Atlantic Flyway, een soort trekvogelsnelweg tussen het poolgebied en Afrika waarlangs ieder voor- en najaar tientallen vogelsoorten reizen.
Onderweg willen die vogels bijtanken en Nederland is rijk aan goede stopplaatsen: de Zeeuwse eilanden, de duinen en bovenal de Waddenzee. Daardoor valt er bijna het gehele jaar door wel iets te beleven, alleen de hoogzomer (juli tot begin augustus, als de meeste zangvogels zwijgen en de trek nog niet is begonnen) is saai. Gelukkig is dat weer een toptijd voor libellen en vlinders.
Daarnaast is Nederland rijk aan vogelaars, zo’n honderdduizend. Waarschijnlijk is de hang naar natuur groter in een dichtbevolkt, verstedelijkt land als het onze. Er is daardoor een goede infrastructuur: de afstanden zijn kort (je kan bij wijze van spreken op dezelfde dag kluten kijken op Texel en oehoes bij Maastricht), kijkhutten zijn algemeen en er is een hechte community van vogelaars, actief op Facebook- en WhatsApp-groepen en websites als waarneming.nl en dutchbirding.nl, waardoor informatie over waar welke vogels te vinden zijn eenvoudig te vinden zijn.
Lijstjes
Zeker waarneming.nl is een goede bron, de meeste vogelaars zijn op deze website actief. De website kan bestaan dankzij een belangrijke karaktertrek die de meeste vogelaars delen: ze leggen graag lijstjes aan. Veel vogelaars noteren bij iedere wandeling waar en wanneer ze welke vogel hebben gezien, het liefst ook nog in welke aantallen, wat ze deden, man, vrouw, zomer- of winterkleed, etc. Omdat het gros van de vogelaars dit vastlegt op waarneming.nl, is er een database voorhanden waar je allerlei informatie over het voorkomen van vogels genoteerd wordt.
Die drijf om alles te noteren leidt er ook toe dat de meeste vogelaars een lijstje bijhouden van alle vogelsoorten die zij ooit gezien hebben, de life list ofwel levenslijst. Een vogel die je toevoegt aan je levenslijst wordt een lifer genoemd. Voor veel vogelaars is het zoeken van lifers de belangrijkste drijfveer. Het verst daarin gaan de echte soortenjagers, twitchers genaamd. Als er een zeldzaamheid ergens in Nederland opduikt, laat een twitcher zijn werk vallen en gaat er diezelfde dag nog naartoe, al is het aan de andere kant van het land.
Op dit moment staat het record op 502 vogelsoorten binnen Nederland. Ik heb met 256 vogelsoorten in Nederland een bescheidener lijstje, maar ik ben dan ook geen twitcher en richt me meer op de lokale natuur.
Veel vogelaars beperken zich niet tot alleen een levenslijst. Ik houd bijvoorbeeld een jaarlijst bij, een tuinlijst, een landenlijst tijdens de vakantie en een lijst voor alle andere planten en dieren die ik tegenkom: een zoogdierenlijst, een keverlijst, een paddenstoelenlijst, noem maar op. En ik heb een schaamlijst, met de vogels die door veel vogelaars wel zijn gezien, maar nog op mijn levenslijst ontbreken. Bovenaan mijn schaamlijst staat op dit moment de ijsgors, een arctisch zangvogeltje dat ’s winters in kleine aantallen langs de Nederlandse kust te zien is en mij tot nu toe is ontglipt.
Op stap
Het mooiste gevoel dat je als vogelaar kan hebben, is het tegenkomen van een vogel die je nog nooit eerder hebt gezien, zeker als jij hem zelf hebt ontdekt. Ik herinner mij bijna al mijn lifers. Op de tweede plaats staat het zien of zelfs maar het horen van een vogel die net weer terug is in het land. Die eerste tjiftjaf van het jaar voelt als het terugzien van een goede vriend die je al een tijd niet hebt gezien.
Als ik op stap ga, kijk ik eerst op de websites of er een vogel in de omgeving is gezien die ik nog niet ‘heb’ voor dit jaar, of misschien zelfs een die geheel nieuw is voor mijn levenslijst.
En als je wat meer ervaring hebt opgebouwd, weet je wanneer welke vogels terugkeren naar Nederland. Tweede helft maart krijg ik een sterke drang om blauwborsten te zien, een paar weken later houd ik mijn oren open voor de eerste koekoek en tegen eind april, begin mei zoek ik naar de ‘dudeljo’ van de wielewaal.
Als ik op stap ga, neem ik het volgende mee:
Verrekijker
Mijn eerste ervaringen deed ik met een vrij simpel kinderverrekijkertje. De smaak kreeg ik pas echt te pakken toen ik een ‘volwassen’ verrekijker kreeg, een Bynolyt Stork 8×42. Ineens had ik een verrekijker waarvan de lenzen groot genoeg waren om goed doorheen te kijken. De frequentie veranderde van af en toe op vakantie naar ieder weekend op pad.
Een goede verrekijker is dus de eerste stap. Je wilt een verrekijker die scherp en rustig beeld geeft, eenvoudig in te stellen is, het liefst ook lekker in de hand ligt en waterdicht is. De goedkope verrekijkers van een paar tientjes, zoals mijn eerste kinderverrekijker, zijn daar eigenlijk niet geschikt voor. De tijd dat je als vogelaar alleen serieus kan worden genomen met een kijker van €1500 is echter ook voorbij. Door nieuwe ontwikkelingen in lenzen, prisma’s en coatings zijn de verrekijkers van rond de €250 al van prima kwaliteit. Het is wel zo: hoe duurder, hoe scherper het beeld en hoe helderder de kleuren.
Let bij het uitzoeken altijd op de vergroting en de grootte van de objectieven, de achterste lenzen. Beide worden met een getal in de naam van de verrekijker uitgedrukt. Een 8×42-verrekijker (dus een verrekijker met 8x-vergroting en een objectiefdiameter van 42mm) wordt het meest aangeraden aan vogelaars. Bij 8x vergroting houd je een rustig beeld, een lens van 42 mm geeft een scherp, helder beeld, waardoor je ook bij slecht weer nog veel details kan zien. Houd er wel rekening mee dat je met een grotere lens ook een zwaardere verrekijker om je nek hebt hangen. Ga je graag licht bepakt op zak en vind je het leuk om af en toe naar een vogel te kijken, maar hoef je niet per se de details te zien om te bepalen welke soort het is? Kies dan een lichter model met kleinere objectieflenzen.
Scope
Naast een verrekijker heb ik ook een telescoop ( ‘scope’ in vogelaarsjargon). Die kan tot wel 60x vergroten en haalt zo vogels heel dicht bij mij, ideaal op plekken waar de vogels op een grote afstand zitten. Ik gebruik hem bijvoorbeeld als ik watervogels ga kijken in de Biesbosch of zeevogels vanaf de Brouwersdam, maar het helpt mij ook kraanvogels te vinden op de hei. Telescopen vergroten vele malen meer dan een gewone verrekijker. En omdat hij op een statief staat, blijft het beeld stabiel. Vanwege het formaat is het wel minder praktisch, dus geregeld laat ik hem thuis.
Vogelgids
Als je een vogel eenmaal in de kijker hebt, wil je natuurlijk ook weten welke vogel het is. Dan kan je eigenlijk niet zonder een vogelgids. Voor de beginner is de Zakgids Vogels van Nederland en België van KNNV Uitgeverij een grote aanrader. Hier staan alle vogels in die je tijdens een wandeling in onze landen mag verwachten. Ben je op zoek naar een boek die ook grote zeldzaamheden bevat of vogels die je op vakantie kan tegenkomen, is de ANWB Vogelgids van Europa van Lars Svensson de absolute topper (dit is een woordgrapje, maar je hebt waarschijnlijk een vogelgids nodig om hem te snappen).
Notitieboekje en/of smartphone
Vroeger nam ik altijd ook een notitieboekje. Hele jaargangen heb ik volgeschreven met de vogels die ik in de natuur en op vakantie tegenkwam. Tegenwoordig heeft de smartphone grotendeels de functie van het notitieboekje overgenomen, alhoewel het nog steeds handig kan zijn als je aantekeningen of een schets wil maken van een vogel die je niet direct herkent.
Essentiële websites en apps zijn:
- waarneming.nl
De website om al je waarnemingen op te slaan en waarnemingen van anderen terug te vinden. Het is daarmee de grootste database van Nederland voor de natuur en vaak de eerste website die ik raadpleeg voor inspiratie. - ObsIdentify & Observation
Apps ontwikkeld door waarneming.nl. Met ObsIdentify kan je planten, dieren en paddenstoelen identificeren aan de hand van een foto. Als je een account bij waarneming.nl hebt, slaat hij gelijk op waar en wanneer je de foto hebt gemaakt. Observation is een uitgebreidere app, die naast deze functie je ook de mogelijkheid geeft om waarnemingen vast te leggen zonder een foto. - Vogelkijkhut.nl
Voor een overzicht van alle vogelkijkhutten, met de meest recente waarnemingen.
- Merlin Bird ID
De app van Merlin heeft een superhandige functie: hij kan vogels herkennen aan het geluid. Een soort ObsIdentify voor vogelliedjes, dus. Een goede training, want voor vogels zoeken is luisteren net zo belangrijk als zien. Of, zoals vogelaars vaak zeggen: horen is scoren! - DutchBirding
Voor de serieuze twitcher, waar de nadruk ligt op dwaalgasten en zeldzaamheden. - Dutch Bird Alerts
De app van DutchBirding voor als er een zeldzaamheid in Nederland gezien is. - SOVON
De organisatie voor wetenschappelijk onderzoek naar vogels, de autoriteit op het gebied van populatietrends en de Vogelatlas. Altijd op zoek naar tellers, voor wie graag met zijn hobby een wetenschappelijke bijdrage wilt leveren.
- Birdingplaces
Zoek je een natuurgebied in de buurt om vogels te kijken? Birdingplaces toont op een handige kaart de beste vogelkijkplekken in jouw buurt. Ook een goede plek om je voor te bereiden op een vakantie, want hij kent ook veel plekken in het buitenland! - Vogelbescherming Vogelgids
Alle belangrijke informatie die je kan vinden over vogels wordt hierin opgesomd. Uiterlijk, geluiden, gedrag, aantallen, etc. Voor als je niet snel je eigen gids bij de hand hebt. - Beleef de Lente
Voor de thuisvogelaar: iedere lente zet de Vogelbescherming de webcams aan zodat miljoenen kijkers meeleven met het wel en wee van nestelende vogels, van koolmees tot ooievaar en steenuil tot zeearend.
Camera
Een algemene ondersoort van de vogelaar is de vogelfotograaf. Vaak op Instagram actief, soms zelfs met eigen blog, altijd op stap met een camera met telelens, meestal van 400-600mm. Het liefst neemt de vogelfotograaf een snelle camera met goede autofocus, zoals een spiegelreflex. Vogels zitten zelden lang stil op een zichtbare plek, zeker de fotogenieke als blauwborst en ijsvogel, dus je wilt een camera waarmee je snel meerdere scherpe foto’s kan maken.
Ook voor de vogelaar die niet op zoek is naar de perfecte foto, heeft het zin om een camera mee te nemen. Dan heb je in ieder geval bewijsmateriaal als je een echt grote zeldzaamheid tegenkomt. Maar niet iedereen wil het extra gewicht met zich meedragen. Voor hen zijn er adapters op de markt waarmee je via je smartphone een foto kan maken via je verrekijker.
Kleding
Kleding draag ik in laagjes, dus een vest of fleece over een shirt en daarover een (regen)jack. Zeker als ik vroeg op ben, houd ik er rekening mee dat het ’s ochtends frisser zal zijn dan ’s middags en draag ik een extra laag die later op de dag weer uit kan. Anders dan het clichébeeld doet vermoeden, hoef je niet in camouflagekleuren te lopen, maar een drukke print en felle kleuren zou ik afraden. Ik draag ook over het algemeen stevig schoeisel, zeker als de kans groot is dat ik lang en over onverhard terrein ga lopen. Bij zonnig weer is een pet handig om je ogen tegen fel licht te beschermen.
Nog een tip van mijn kant: op koude dagen trek ik vingerloze handschoenen aan. Het fijnst zijn zogenaamde ‘convertible mitts’, eigenlijk wanten waarvan het ‘vingergedeelte’ naar achteren kan worden omgeslagen, zodat mijn vingers vrij zijn op de momenten dat ik de verrekijker wil bedienen.
Rugzak
Om dit allemaal mee te kunnen nemen, heb je een rugzak nodig. Hoe groot hij is, is afhankelijk van wat je mee wilt nemen. Mijn voorkeur ligt bij een tas tussen de 25 en 30 liter, ruim genoeg om mijn scope in te doen en nog ruimte over te houden voor een broodtrommel, jas en trui. Maar als de scope thuisblijft, is een kleiner formaat natuurlijk voldoende.
Heb je nog iets moois gezien?
Als je net begint met vogelen, kunnen al die dikke boeken en bossen vol geluiden overweldigend zijn. Begin door een lokaal natuurgebied vaker te bezoeken. Dit is de perfecte basis: je zal de vogels in jouw gebiedje iedere keer beter leren herkennen en meer gevoel krijgen bij de veranderingen tijdens de seizoenen.
Verder delen de meeste vogelaars graag. Heb je een ervaren vogelaar in je kennissenkring? Ongetwijfeld gaat hij of zij met liefde een keer met je op stap om allerlei tips te delen. En mocht je in het veld een vogelaar tegenkomen, heb je aan de volgende zes woorden voldoende om goede tips te krijgen: ‘heb je nog iets moois gezien?’ Succes gegarandeerd.
Over de auteur
Jelle Hoogenboom is sinds 2019 een vast gezicht binnen onze klantenservice. Bel je naar de winkel, dan is de kans groot dat je hem aan de lijn krijgt. In zijn vrije tijd trekt hij er graag op uit als fanatiek vogelaar. Zijn enthousiasme en kennis deelt hij met alle plezier met klanten die op zoek zijn naar de juiste verrekijker. Ook tijdens onze jaarlijkse vogelwandeling is hij de vertrouwde begeleider die je nét wat meer laat zien en horen.
